HARENG SAUR

Het Museum voor Schone Kunsten Gent en S.M.A.K. sloegen de handen in elkaar en programmeerden samen Hareng Saur: Ensor en de hedendaagse kunst. De tentoonstelling kaderde in een reeks evenementen in binnen- en buitenland die de 150ste verjaardag van de geboorte van James Ensor (1860-1949) vierden en onderscheidde zich daarin door het oeuvre van Ensor te associëren met werk van hedendaagse kunstenaars.

 

In Hareng Saur: Ensor en de hedendaagse kunst werd een nieuwe stap gezet in de benadering van het oeuvre van James Ensor. Uit de tentoonstelling bleek dat Ensors kunst ook in de huidige artistieke scène zijn actualiteit heeft behouden. De kunstenaar werd uit zijn historische context gehaald en resoluut benaderd als een tijdloze kunstenaar, wier thematiek en techniek onlosmakelijk is verbonden met de praktijk van tal van hedendaagse kunstenaars. Ensors onderwerpen en gezichtspunten blijven ook bij het begin van de eenentwintigste eeuw brandend actueel. Thema's als het masker en het groteske, de sociale kritiek, het zelfportret, de identificatie met Christus, de massa, de satire en de dood hebben in de hedendaagse beeldende kunst immers niet aan relevantie ingeboet. De tentoonstelling legde onvermoede verbanden en toonde aan dat Ensor in zijn visionaire oeuvre een doel nastreefde dat hem met tal van hedendaagse kunstenaars verbindt.

 

Naast een uitgebreide selectie van Ensors werk (schilderijen, tekeningen en grafiek) bevatte de tentoonstelling hedendaagse gelijkgestemden en tegenhangers in schilderijen, beeldhouwwerken, video's, installaties, performance, tekeningen ... Op die manier werd de beeldende wereld van Ensor verbonden met deze van onder meer Eija-Liisa Ahtila, Francis Alys, Huma Bhabha, Jake en Dinos Chapman, George Condo, Thierry De Cordier, Marlene Dumas, Thomas Hirschhorn, Yang Jiechang, Tomasz Kowalski, Jonathan Meese, Bruce Nauman, Ugo Rondinone, Dana Schutz, Cindy Sherman, Raymond Pettibon, Thomas Schütte, Jan Vercruysse, en Thomas Zipp.
Elk van deze werken werd getoond in een context waarbij telkens een beperkt aantal werken van Ensor als uitgangspunt geldden. Op deze manier ontstond een wisselwerking waarbij verbanden werden gelegd, confrontaties werden aangegaan of nuances werden aangebracht.